Digitaal klokkijken oefenen

Een digitale klok laat de tijd in cijfers zien. Links van de dubbele punt staat het uur, rechts de minuten. Je leest het getal, maar je zegt de tijd in woorden.

  • Stap 6 van 8
  • Groep 5
  • ☆☆☆

Zo werkt het: digitaal

Op een digitale klok staat bijvoorbeeld 3:25. Het getal vóór de dubbele punt is het uur, het getal erna het aantal minuten na dat uur. Een digitale klok telt dus altijd door vanaf het hele uur, ook na half.

3:25 vijf voor half vier
9:40 tien over half tien
6:50 tien voor zeven

Dat geeft een verschil met hoe we de tijd zeggen. Bij 3:25 zeg je "vijf voor half vier", terwijl er een 3 staat. Bij 9:40 zeg je "tien over half tien". Een handige regel: staan er 20 minuten of meer, dan noem je het volgende uur.

Minuten op de digitale klokZo zeg je het
:00... uur
:05 en :10vijf/tien over ...
:15kwart over ...
:20 en :25tien/vijf voor half (volgend uur)
:30half (volgend uur)
:35 en :40vijf/tien over half (volgend uur)
:45kwart voor (volgend uur)
:50 en :55tien/vijf voor (volgend uur)

In de oefenvorm Koppelen zie je een digitale tijd en kies je de wijzerklok die erbij hoort. Bij Aflezen gaat het andersom.

Veelgemaakte fouten

  • 3:45 lezen als "kwart voor drie". De 3 is het uur dat geweest is, dus het is kwart voor vier.
  • De minuten van een digitale klok met het getal op de wijzerplaat verwarren: :40 is de grote wijzer op de 8.
  • Een 0 vergeten: 3:05 is vijf over drie, niet 3:5 of 3:50.

Tips om te oefenen

  1. Zet thuis een digitale en een wijzerklok naast elkaar en vergelijk ze een paar keer per dag.
  2. Deel de minuten door 5 om te weten waar de grote wijzer staat: :35 is de 7.
  3. Vanaf :20 noem je het volgende uur.

← Stap 5: Op de minuut Stap 7: 24-uursklok →

Veelgestelde vragen

Wat moet je eerst leren: digitaal of analoog?

Op de meeste scholen leren kinderen eerst de wijzerklok tot op vijf minuten en daarna digitaal. Digitaal lezen is makkelijk, maar de tijd daarna in woorden zeggen is het lastige stuk. Lees er meer over in onze gids over analoog of digitaal.

Hoe zeg je 7:55 in woorden?

Vijf voor acht. Er zijn 55 minuten voorbij na zeven uur, dus het is nog vijf minuten tot acht uur.

Waarom staat er soms 15:30 in plaats van 3:30?

Dat is de 24-uursklok. Na twaalf uur 's middags telt die door: 13, 14, 15. Daar is een aparte stap voor.